7 ECTS credits
180 u studietijd

Aanbieding 1 met studiegidsnummer 1008320BNR voor alle studenten in het 2e semester met een verdiepend bachelor niveau.

Semester
2e semester
Inschrijving onder examencontract
Niet mogelijk
Beoordelingsvoet
Beoordeling (0 tot 20)
2e zittijd mogelijk
Ja
Inschrijvingsvereisten
Inschrijvingsvereiste:ingeschreven of geslaagd zijn voor 'Fysica:elektromagnetisme'
Onderwijstaal
Nederlands
Faculteit
Faculteit Ingenieurswetenschappen
Verantwoordelijke vakgroep
Elektrotechniek-Energietechniek
Onderwijsteam
Valéry Ann JACOBS (titularis)
Onderdelen en contacturen
36 contacturen Hoorcollege
48 contacturen Werkvormen en Praktische Oef.
Inhoud

Deel A. Licht- en Verlichtingskunde


A.1. Theoretische verlichtingskunde:

- Inleiding tot de radiometrie, fotometrie en colorimetrie.
- Lichtbronnen en lamptechnologie: techniek en efficiëntie.
- Technieken om specifieke lichtsterkteverdelingen te bekomen en beschrijven.
- Uitzicht van materialen en objecten: reflectie, transmissie, BSDF.
- Inleiding tot dagverlichting

 

A.2 Praktische verlichtingskunde:

- Inleiding tot de simulatiesoftware DIALux Evo.
- het gebruik van meetinstrumenten als een luxmeter en afstandsmeter.
- Inleiding tot de verlichting in schoolgebouwen.
- Inleiding tot de openbare verlichting

 

Deel B. Elektrotechniek

- Herhaling van wiskundige methoden als het complex rekenen met elektrische grootheden, de Maxwell vergelijkingen, magnetostatica, inductie (M. Faraday) en de fundamentele elektrische grootheden: stroom, spanning, vermogen, weerstand, capaciteit.
- Studie van wisselstroomkringen: schijnbaar, actief en reactief vermogen; arbeidsfactor.
- Basisschakelingen (ster/driehoek)
- Transormatoren
- Opwekken, transport en distributie van energie.
- Inleiding tot elektrische machines

 

Studiemateriaal
Digitaal cursusmateriaal (Vereist) : “Licht- en Verlichtingskunde”, VA Jacobs, P Rombauts, G Maggetto, 2017
Praktisch cursusmateriaal (Vereist) : "Openbare verlichting", BIV, IBE, 2015
Praktisch cursusmateriaal (Vereist) : "Licht in schodelen", KU Leuven, WTCB, Pixii, 2016
Digitaal cursusmateriaal (Vereist) : “Inleiding tot de elektrotechniek”, VA Jacobs, J Deconinck, P Rombauts, G Maggetto, 2017
Digitaal cursusmateriaal (Vereist) : Syllabus: "Studieleidraad", VA Jacobs, 2017
Digitaal cursusmateriaal (Vereist) : Presentaties, VA Jacobs, J Deconinck, 2017
Bijkomende info

 

 

Leerresultaten

Algemene competenties

Dit Studiedeel sluit aan op het elektrisch en het optisch deel van "Fysica" en maakt een koppeling naar de "Technische Installaties" (elektrisch georiënteerde en andere) van de Master jaren.
In het eerste gedeelte is elektriciteit de rode draad; in het tweede gedeelte vormt licht, als elektromagnetisch verschijnsel, de basis voor de verlichtingskunde in het algemeen en de toepassing van licht binnen een ruimtelijke of architecturale omgeving in het bijzonder; dit met het oog op de creatie van een bepaald visueel fysisch binnen- of buitenklimaat.

De praktische oefeningen zijn projectmatig opgevat en zo veel als mogelijk geïntegreerd in de ontwerpmethodiek, aangrijpend bij het ontwerp zelf.
Ingenieursvaardigheden als "meten" worden ontwikkeld in de praktische oefeningen zoals bv. bij de studie van het elektromagnetisch of elektronisch voorschakelcircuit (het systeem met zijn componenten) van elektrische lichtbronnen.

Het Studiedeel is een basiscursus in elektrische energietechniek, licht- en verlichtingstechniek, gericht zowel op kennisoverdracht als op het aanleren en ontwikkelen van vaardigheden.  De cursus is specifiek afgestemd op de opleiding van de Bachelor in de Ingenieurswetenschappen : Architectonische Wetenschappen.  Het is de bedoeling inzichten te verwerven in toepassingen van elektrische energie en verlichting binnen het architecturaal ontwerpen en daarover te kunnen reflecteren.

De studenten dienen een goede kennis te bezitten van de basisbegrippen en de basiswetten van de elektrische energietechniek en de verlichtingstechniek.  Het is vooral belangrijk dat zij de theorie kunnen betrekken op praktische toepassingen uit de architectuur (die in de les worden besproken).  "Inzicht" in de stof, het erover kunnen nadenken en reflecteren is van het grootste belang; echter een ruime basiskennis is daartoe onontbeerlijk.

De koppeling met het onderzoek in de verlichtingskunde is expliciet aanwezig. 
De inhoud van dit Studiedeel draagt bij tot de realisatie van de Leerresultaten van de opleiding Bachelor in de Architectonische Ingenieurswetenschappen.

- De opleiding tot 'Bachelor of Science in de Ingenieurswetenschappen : Architectuur', beoogt de studenten tot een gevorderd niveau van kennen en competenties te brengen, eigen aan een professioneel en wetenschappelijk functioneren in het domein van de ingenieurs- en architectuurwetenschappen.
- Het ontwikkelen van algemene vaardigheden op het vlak van communicatie (waaronder grafische en taalkundindige vaardigheden), sociale vaardigheden (groepswerk en maatschappelijk bewustzijn), wetenschappelijke vaardigheden  (redeneervermogen, kritische reflectie en logisch denken) en professionele vaardigheden (organisatie en management, leidinggeven, problemen oplossen, delegeren).

- De Leerresultaten betreffen het redeneren, oordelen en het communiceren; met daaraan toegevoegd het vermogen tot synthese; zijnde verbeelding.  Het project fungeert hier als referentie- en kristallisatiepunt in het gebruik van vakinhoudelijke kennis om een architecturaal antwoord op het niveau van architectonisch ontwerpen, constructieve vormgeving of stedenbouwkundige planning te geven.
- Voor de technische wetenschappen betreft het de kennis van de basis van bouwmethodes en technologieën, alsook de meer gespecialiseerde kennis van bepaalde methoden en tools voor het inzetten van technische aspecten in casu licht-, verlichtingstechniek en visuele omgeving.
- Sociale en maatschappelijke vaardigheden, het besef van teamwork en basis-communicatievaardigheden (grafische semiologie, adequaat taalgebruik).
- Er wordt verwacht van de 'Bachelor in de Ingenieurswetenschappen : Architectuur' een minimum aan onderzoeksattitude te ontwikkelen; teneinde in een doorstroomfase de 'Master in de Ingenieurswetenschappen : Architectuur' aan te vatten.

-De student bezit aantoonbare kennis en inzicht in de verlichtingskunde en de elektrische energietechniek waarbij wordt voortgebouwd op het niveau bereikt in het voortgezet onderwijs en dit wordt overtroffen.  Het niveau behoeft ondersteuning van gespecialiseerde bibliografische werken.
-De student is in staat om kennis en inzicht op een professionele wijze toe te passen binnen de verlichtingstechniek en de elektrische installatietechniek en bezit de competenties voor het oplossen van problemen binnen het vakgebied.
- De student is in staat om relevante gegevens te verzamelen en te interpreteren en een oordeel te vormen gebaseerd op maatschappelijke, wetenschappelijke en ethische gronden.
-De student is in staat om informatie, ideeën en kennis duidelijk over te brengen naar een gespecialiseerd en een niet-gespecialiseerd publiek.
-De student bezit de leervaardigheden die hem of haar in staat stellen een vervolgstudie aan te vatten met sterk autonoom karakter.

De eindcompetenties voldoen aan de zgn. 'Dublin' descriptoren :

x Kennis en Inzicht [K&I] verwerven :
-Over voldoende basiskennis beschikken in het domein van de wetenschappen [baK&I-BASISWETENSCHAPPEN];
-Kennis en Inzicht in de basistechnologie van de elektrische energietechniek en verlichtingstechniek verwerven [baK&I-TECHNOLOGIE];
-Basiskennis en inzicht hebben in bouwfysica, bouw- en installatietechniek [baK&I-BOUWFYSICA];
-Op gestuurde wijze praktijkgerichte kennis kunnen verwerven (bvb. EPB, normen voor binnenverlichting, etc.) [baK&I-NORMEN];
-Kennis verwerven m.b.t. de criteria die tot duurzame oplossingen leiden (materiaal- en energieverbruik e.a.) [baK&I-DUURZAAM].

x Verworven Kennis en Inzicht kunnen Toepassen [TK&I] :
-Kunnen analyseren van een probleemstelling in een bepaalde context of in een ontwerpopgave [baTK&I-ANALYSE];
-De basiskennis begrijpen en kunnen implementeren om tot een geïntegreerde oplossing voor een ontwerpprobleem te komen [baTK&I-PROBLEEMOPLOSSEND];
-Eenvoudige berekeningen kunnen uitvoeren met het doel installaties voor binnenverlichting te dimensioneren [baTK&I-CONSTRUCTIES];
-Het principe van duurzaamheid vooropstellen in het ontwerp [baTK&I-DUURZAAM].

x Een gefundeerd Oordeel kunnen Vormen [OV] :
-Een standpunt kunnen innemen en een argumentatie kunnen ontwikkelen gebaseerd op analyse en eigen onderzoek [baOV-EVALUATIE, baOV-ANALYSE];
-In staat zijn keuzes te maken en een visie kunnen vertolken [baOV-ANALYSE];
-Kritisch en creatief kunnen denken en handelen met betrekking tot ingenieursopgaven, kritisch kunnen reflecteren over het eigen werk en dat van collega’s (m.i.v. argumentatie) [baOV-REFLECTIE].

x Duidelijk kunnen Communiceren [COM] :
-Concepten en studies zowel visueel als mondeling en schriftelijk helder kunnen formuleren en communiceren naar een breed of gespecialiseerd publiek [baCOM-GRAFISCH, baCOM-VERBAAL, baCOM-SCHRIFTELIJK];
-Rekening houdend met de Brusselse situatie: meerdere talen kunnen spreken; vakliteratuur kunnen doornemen en communiceren ook in de Franse en de Engelse taal [baCOM-TALEN];
-De (digitale) teken- en simulatietechnieken voor de analyse en presentatie van projecten beheersen [baCOM-PRESENTATIE].

x Over de volgende Leervaardigheid beschikken [LV] :
-Zowel in teamverband als zelfstandig kunnen functioneren [baLV-GROEPSWERK];
-Zelfstandig data en kennis kunnen opzoeken, werken aan een kritische onderzoekshouding [baLV-ONDERZOEK];
-Interesse, enthousiasme en betrokkenheid ontwikkelen, voorbereid zijn op ‘levenslang leren’ [baLV-LEVENSLANG].

In conclusie : attitudevorming is noodzakelijk! De Bachelor in de ‘Ingenieurswetenschappen : Architectuur’ moet kennis en vaardigheden kunnen vertalen in een karaktervolle visie (m.b.t. ecologie, duurzaamheid, mobiliteit, multiculturele gerichtheid etc.). Er wordt ook verwacht dat de Bachelor een minimum aan onderzoeksattitude ontwikkelt om vervolgens door te stromen naar de Master in de ‘Ingenieurswetenschappen : Architectuur’.

Algemene competenties

De Bachelor kan een structureel, bouwtechnisch en bouwfysisch systeem modelleren en analyseren aan de hand van simulaties en berekeningen.

De Bachelor kan schriftelijk, mondeling, grafisch, beeldend en door middel van schaalmodellen communiceren, gebruikmakend van de gepaste wetenschappelijke woordenschat

De Bachelor kan rationeel, abstract en kritisch reflecteren over het eigen werk en dat van anderen.

De Bachelor kan zelfstandig en in team werken.

Beoordelingsinformatie

De beoordeling bestaat uit volgende opdrachtcategorieën:
Examen Andere bepaalt 100% van het eindcijfer

Binnen de categorie Examen Andere dient men volgende opdrachten af te werken:

  • Examen & Project met een wegingsfactor 1 en aldus 100% van het totale eindcijfer.

Aanvullende info mbt evaluatie

Het examen bestaat uit projectwerk (40%), een schriftelijk examen(50%) met gelijktijdig een kort mondeling examen (10%).

Academische context

Deze aanbieding maakt deel uit van de volgende studieplannen:
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: architectuur: Standaard traject
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: architectuur: Verkort traject